Macro-B12

De B12 awareness week van 2020, 3e blog.

Mensen die vitB12 injecties gebruiken, hebben in de regel een hoge waarde van B12 in het bloed. Soms wordt bij iemand de B12 spiegel in het bloed gemeten, en dan blijkt die verhoogd te zijn, zonder dat die persoon extra vitB12 slikt of injecteert. Wat dan?

Er zijn een aantal publicaties in de medische literatuur die laten zien dat dit kan komen doordat het vitB12 molecuul een binding aangaat met bepaalde antistoffen (immunoglobulines) in het bloed. Die antistoffen zijn van het type IgG of IgM. Als dat gebeurt, dan wordt dit macro-B12 genoemd. Een gekke term, want het B12 molecuul op zichzelf is niet ineens groot geworden. Dit soort verbindingen met IgG zijn niet uniek voor B12, zij kunnen ook bij andere eiwitten optreden zoals CPK (creatinephosphokinase) en prolactine (melkklierhormoon). We hebben eigenlijk geen idee waarom bij iemand dit soort verbindingen ontstaat.

Onderzoekers uit België publiceerden recent (zie foto) een serie met 16 mensen met een serum B12 boven de 1476 pmol/l (normaliter boven de bovenste grens van de standaard bepaling). Zij noemen het een onderschatte bedreiging, en in het artikel verzuchten zij subtiel: “The presence of such macro-B12 in highly elevated B12 samples has been rarely published in the literature and the overall awareness in the medical community is insufficient”.

Het is niet zo heel ingewikkeld om te achterhalen wat de werkelijke waarde van het B12 gehalte in het bloed is. In het laboratorium is er een techniek om de antistoffen ‘neer te slaan’ met een bepaalde chemische stof (PEG genaamd), en daarna kun je de vitB12 bepaling opnieuw uitvoeren. In alle 16 patiënten bleek de serum B12 uiteindelijk lager dan 1000 pmol/l, en in één was die waarde zelfs verlaagd, namelijk 83 pmol/l. Deze persoon had dus een echt vitB12 tekort !!

We hebben geen flauw idee hoe vaak dit fenomeen voorkomt. In het Amerikaanse NHANES onderzoek hadden enkele honderden deelnemers die de afgelopen jaren zijn onderzocht een serum B12 waarde van boven de 1000 pmol/l. Informatie van onderzoekers die betrokken waren bij NHANES, leert dat men bij een klein aantal van deze deelnemers kon achterhalen dat zij toch vitB12 preparaten (injecties) gebruikten, ook al stond dit niet op hun medicatielijst. Bij een flink aantal mensen met een hoge serum B12 waarde kon echter geen verklaring worden gevonden. De bloedmonsters zijn echter niet onderzocht of er sprake kon zijn van macro-B12.

De aanwezigheid van macro-B12 is slechts één van de mogelijke redenen voor een verhoogde serum B12 spiegel.

 

 

 

 

Leverextracten en vitB12 tekort

In dit tweede blog -ter gelegenheid van de B12 awareness week- een klein stukje over de behandeling van vitamine B12 tekort, zoals die in de jaren `30 van de vorig eeuw is ontwikkeld. Het was vooral de Amerikaanse internist William Murphy -verbonden aan de Harvard Medical School- die onderkende dat behandeling met leverextract wel eens een goed effect zou kunnen hebben. Er is een legendarisch filmpje, waarin de klachten die kunnen optreden bij vitB12 tekort, zoals neurologische klachten en bloedarmoede, worden toegelicht. Ook wordt hierin de behandeling met het eten van grote stukken lever vergeleken met de verfijnde behandeling met hooggezuiverd leverextract, waaruit de bestanddelen die niet nodig zijn zorgvuldig zijn gefilterd. Dit filmpje is in 1934 vertoond tijdens het uitreiken van de Nobelprijs aan o.a. George Minot en William Murphy.

Uit het filmpje: links: lever; midden: leverpoeder; rechts: hooggezuiverd leverextract in kleine ampulletjes

De video bestaat uit twee delen. In het 1e deel informatie over de hematologische en neurologische verschijnselen van vitB12 tekort, en de behandeling met lever, leverextract, en een geconcentreerd extract dat via een injectie in de spier wordt toegediend. In het 2e deel is er aandacht voor de effecten van de behandeling op de bloedarmoede, en het feit dat het geconcentreerde extract veel betere resultaten geeft dan het gewone extract of het eten van een halve pond lever per dag. In zijn rede bij de Nobelprijsuitreiking zegt Murphy; ” the injection intramuscularly of 3 cubic centimeters prepared from 100 grams of liver is equivalent in its effect to that of 5,000 grams of whole liver when taken perorally”.

In 2006 verscheen in het medische tijdschrift Blood een zgn. Editorial over deze heuglijke gebeurtenis, de uitreiking van de Nobelprijs, en werd ook een link geven waar het wereldberoemde filmpje te vinden is. Overigens zijn er later veel / meer onderzoekingen gedaan waaruit blijkt dat cobalamine injecties dé beste behandeling zijn van pernicieuze anemie en vitamine B12 tekort door een probleem met de opname van deze vitamine uit het voedsel. Helaas is in dit filmpje ook duidelijk zichtbaar dat inadequate of te late behandeling bij vitB12 tekort kan leiden tot permanente schade aan het zenuwstelsel.

Het artikel in Blood vindt u hier: https://ashpublications.org/blood/article/107/12/4970/129303/Liver-therapy-in-anemia-a-motion-picture-by

De link naar de uitreiking van de Nobelprijs aan Whipple, Minot en Murphy vindt u hier: https://www.nobelprize.org/prizes/medicine/1934/murphy/lecture/

De link naar het filmpje vindt u HIER. Mocht u niet direct het filmpje kunnen zien, kopieer dan de link en open deze in uw video-software, bv. de VLC media player of vergelijkbaar.

 

 

 

 

De ontdekking van vitamine B12

Deze week is het de B12 awareness week. Ter gelegenheid daarvan post ik een aantal korte blogs.

Deze eerste gaat over de geschiedenis. In 2012 is een artikel verschenen van drs John Scott en Anne Molloy, waarin deze in detail uit de doeken wordt gedaan. Dit artikel verscheen in een fraai nummer van het tijdschrift ‘Annals of Nutrition and Metabolism’, waarin de geschiedenis van de ontdekking van vele vitamines werd beschreven. Voor een overzicht, zie deze link: https://www.karger.com/Journal/Issue/257413

Belangrijkste hoogtepunten zijn geweest:

  1. De beschrijving van de vermoedelijk eerste patiënt met deze aandoening, waarschijnlijk al in 1824 door James Scarth Combe, een chirurg in Edinburgh; de patiënt overleed helaas, ondanks alle behandelingen die in die tijd mogelijk waren. Bij autopsie wordt een sterk afwijkende maag gevonden, die wordt omschreven als dun, zonder duidelijke bloedvaten, en bijna doorzichtig; de eerste beschrijving van wat wij nu ‘atrofische gastritis’ noemen.
  2. De vervolg-beschrijvingen van o.a. Thomas Addison (in 1855) en Anton Biermer, die in 1872 in totaal 15 mensen beschreef die vermoedelijk aan deze aandoening leden, en hieraan overleden
  3. De eerste proeven met leverextracten door George Minot en William Murphy om de ziekte te behandelen, nadat de behandeling met een kilo rauwe of gekookte lever per dag toch wel door patiënten slecht werd verdragen
  4. De oplossing van de structuur van vitamine B12 door Dorothy Hodgkin rond 1954
  5. De fabricage van het thans bekende preparaat hydroxocobalamine, met zijn fantastisch mooie rode kleur, in het begin van de jaren 60 van de vorige eeuw.

In het artikel van Scott en Anne Molloy leest u er alles over. Warm aanbevolen.

Een foto van de obelisk, het graf van James Scarth Combe en zijn vrouw Thomson, vindt u hier: https://www.findagrave.com/memorial/151539828/james-scarth-combe

U vindt het volledige artikel van Scott en Molloy helaas niet publiek-beschikbaar op de website van het tijdschrift, maar wel hier: https://www.jstor.org/stable/48508238

 

MMA, B12 en functioneren

Introduction: Diagnosis of vitamin B12 deficiency is difficult, as there is no conclusive single test for this disorder. We evaluated the association of serum B12 and methylmalonic acid (MMA) with haematologic parameters and physical and cognitive functioning in an effort to use such clinical parameters to improve the interpretation of serum values.

Methods: We used data of participants > 19 years of age from NHANES 2011-2012 and 2013-2014, a cross-sectional survey in the United States. Functional status was assessed with questionnaires on current health condition, disability, hospital utilisation, cognitive functioning, mental health and depression, and physical functioning. Muscle strength assessed with a handgrip dynamometer was used as a performance parameter. Results were evaluated both for the entire population and participants of Western European descent. Because renal function influences MMA concentrations and is a proxy for both frailty and comorbidity, all results were additionally stratified for individuals with normal vs impaired renal function (eGFR < 60 ml/min).

Results: In total, data of 9645 participants (mean age 49 (SD 17) years, 49.3% males) were included. Out of all participants with serum B12 < 140, 140-300, and 301-1000 pmol/l, 56.2%, 13.5%, and 4.1%, respectively had elevated MMA. MMA concentrations were more strongly associated with poor functional status and physical performance than serum B12. We identified a significant and independent association of MMA concentrations, as well as haemoglobin and co-morbidity with muscle strength.

Conclusions/interpretations: A large proportion of individuals with a decreased serum B12 concentration still has normal MMA concentrations. Elevated MMA concentrations were more strongly associated with poor functional performance than serum B12.

Het volledige artikel kunt u hier downloaden; http://www.njmonline.nl/getpdf.php?id=2180

 

 

Combinatiebehandeling schildklier

thyroid photo

De traditionele behandeling van iemand met een te langzaam werkende schildklier was tot het eind van de jaren ’70 thyranon. Dit gedroogde schildklierpoeder, bereid uit schildklieren van slachtvee, bevatte naast T4 (thyroxine) en T3 (tri-iodothyronine) vele niet-werkzame jodiumverbindingen, waardoor de sterkte wisselde1. Rond 1960 kwam synthetisch thyroxine beschikbaar (zoals Eltroxin), waarvan de fabricage stukken gemakkelijker en het schildklierhormoongehalte veel stabieler was2. Het zou echter nog vijftien tot twintig jaar duren voordat synthetisch thyroxine op grote schaal in Nederland werd gebruikt. Van de mensen die overgingen van Thyranon naar Thyrax rapporteerde toch een aantal een toename van klachten na de switch. Mogelijk had dit te maken met het feit dat Thyranon wél en Thyrax géén T3 bevatte. Mede om die reden keert de laatste tien tot vijftien jaar de belangstelling voor combinatiebehandeling van T4 en T3 terug. In sommige landen, zoals de VS, bleven dierlijke bronnen van schildklierhormoon ruim beschikbaar.

In Nederland kennen we al jaren de T3-variant Cytomel. Flink wat mensen met hypothyreoïdie die klachten van vermoeidheid bleven houden, probeerden de combinatie van thyroxine met Cytomel. Nadeel van Cytomel is – zo verzuchtte de hoogleraar Doorenbos al in 19823– dat de bloedspiegel na het innemen van de medicatie sterk wisselt. Klachten als warmtegevoel en hartkloppingen liggen daardoor op de loer. Met de huidige laag gedoseerde Cytomeltabletten van 5 mcg en drie- tot viermaal daagse inname neemt de flexibiliteit van deze behandeling sterk toe, zeker nu er steeds meer aandacht is voor de kwaliteit van leven van mensen met een schildklieraandoening4. Oudere onderzoeken, zoals in 1999 in Litouwen, toonden aan dat de combinatiebehandeling soms leidde tot verbetering van functioneren5. Dat bleek ook in de dagelijkse praktijk: sommige mensen meldden bij combinatiebehandeling een geweldige vooruitgang (‘ik heb mijn leven weer terug’, ‘in plaats van de hele dag op de bank liggen kan ik weer aan het werk’), maar anderen stopten na twee tot drie maanden vanwege de bijwerkingen of merkten geen verschil. Ook endocrinologen waren ‘verdeeld’: sommige van hen vinden de combinatiebehandeling van T4 en T3 nog steeds ‘ongewenst’ en sluiten hun ogen voor de mogelijke successen.

Maar hoe weet je nu bij wie de combinatiebehandeling zinvol is en bij wie niet? Om die reden gaat eind dit jaar de T3-4-Hypo trial van start in Nederland, een onderzoek dat moet aantonen bij welke mensen de combinatie effectief is. Het onderzoek kijkt onder andere naar welke genetische en metabole factoren eventueel succes voorspellen. ZonMW kende voor de studie een subsidie toe van 1,9 miljoen Euro6.

 

Bronnen:

  1. Farmacotherapeutische overzichten XIV. Schildklierhormonen en antithyreoïde stoffen. Ned Tijdschr Geneeskd 1963; 107: 1139-41.
  2. Wiersinga WM. Geneesmiddelen bij schildklieraandoeningen. Ned Tijdschr Geneeskd 1986; 130: 2163-6
  3. Doorenbos H. De wetgever en de schildklier. Ned Tijdschr Geneeskd 1982; 126: 776-9
  4. Wouters HJ, van Loon HC, van der Klauw MM, Elderson MF, Slagter SN, Kobold AM, Kema IP, Links TP, van Vliet-Ostaptchouk JV, Wolffenbuttel BHR. No Effect of the Thr92Ala Polymorphism of Deiodinase-2 on Thyroid Hormone Parameters, Health-Related Quality of Life, and Cognitive Functioning in a Large Population-Based Cohort Study. Thyroid. 2017; 27: 147-155.
  5. Bunevicius R, Kazanavicius G, Zalinkevicius R, Prange AJ Jr. Effects of thyroxine as compared with thyroxine plus triiodothyronine in patients with hypothyroidism. N Engl J Med. 1999; 11; 340: 424-9.
  6. https://www.radboudumc.nl/nieuws/2019/1-9-miljoen-euro-voor-landelijk-onderzoek-naar-schildklierhormonen
Dit artikel verscheen in het magazine Schild van juni 2020.

 

Photo by myosotis8

 

Literatuur vitamine B12

Although cobalamin (vitamin B12) deficiency was described over a century ago, it is still difficult to establish the correct diagnosis and prescribe the right treatment. Symptoms related to vitamin B12 deficiency may be diverse and vary from neurologic to psychiatric. A number of individuals with vitamin B12 deficiency may present with the classic megaloblastic anemia. In clinical practice, many cases of vitamin B12 deficiency are overlooked or sometimes even misdiagnosed. In this review, we describe the heterogeneous disease spectrum of patients with vitamin B12 deficiency in whom the diagnosis was either based on low serum B12 levels, elevated biomarkers like methylmalonic acid and/or homocysteine, or the improvement of clinical symptoms after the institution of parenteral vitamin B12 therapy. We discuss the possible clinical signs and symptoms of patients with B12 deficiency and the various pitfalls of diagnosis and treatment.

Het volledige artikel vindt u hier: https://mcpiqojournal.org/article/S2542-4548(19)30033-5/fulltext

.

.